Geschiedenis
De geschiedenis van Arnold & Siedsma loopt min of meer parallel met de wettelijke ontwikkelingen op het gebied van intellectueel eigendomsrecht. Ook economische ontwikkelingen – nationaal en internationaal – speelden een rol in de groei en marktstrategie van het bureau.

De geschiedenis van Arnold & Siedsma loopt min of meer parallel met de wettelijke ontwikkelingen op het gebied van intellectueel eigendomsrecht. Ook economische ontwikkelingen – nationaal en internationaal – speelden een rol in de groei en marktstrategie van het bureau.
Een duik in het verleden
Tot 1900 was het niet mogelijk om in Nederland een octrooi als een ‘uitsluitend recht voor het maken en verkopen van een artikel of voor het exploiteren van een vinding’ te deponeren. Octrooiaanvragen van Nederlandse ondernemers konden hierdoor alleen in het buitenland worden ingediend. De Nederlandse Octrooiwet (1910), die in 1912 leidde tot de oprichting van een Octrooiraad, maakte een einde aan deze ongewenste situatie. Sindsdien beschikt Nederland over een modern juridisch en technisch systeem voor octrooien van (uit)vindingen van Nederlandse en buitenlandse bedrijven.
De oprichting van de Octrooiraad in 1912 luidde de groei in van het aantal Nederlandse octrooigemachtigden die namens bedrijven octrooiaanvragen indienden en verdedigden. Als reactie op de toegenomen concurrentie tussen individuele octrooigemachtigden, kozen sommigen daarom voor samenwerking.
De grondleggers
De grondleggers van het huidige Arnold & Siedsma waren de werktuigbouwkundig ingenieurs A.E. Jurriaanse en J. Knoop Pathuis. Zij bundelden in 1920 hun krachten en kozen strategisch Den Haag als vestigingsplaats, de stad waar ook de Octrooiraad zetelde.
Onze eerste naamgever was elektrotechnisch ingenieur A.F. Arnold. Hij trad in 1934 in dienst. Elektrotechniek werd door zijn inbreng al snel een volwaardige sectie binnen ons kantoor. Hetzelfde gebeurde met de sectie chemische octrooien die in die periode in toenemende mate in behandeling werden genomen.
In 1964 trad werktuigbouwkundig ingenieur A. Siedsma toe tot de directie.
In 1974 werd besloten om de naamgeving van het kantoor niet langer afhankelijk te laten zijn van de achternamen van senior partners. Octrooibureau Arnold & Siedsma was een feit.
Belangrijke ontwikkelingen
De orderportefeuille van Arnold & Siedsma maakte tijdens de depressie van de jaren dertig een groeispurt door. In tijden van economische tegenwind neemt het aantal uitvindingen namelijk niet af, maar toe.
Hoewel deze groei tijdelijk werd getemperd gedurende de Tweede Wereldoorlog, ging het vanaf 1945 weer bergopwaarts. De toegenomen internationalisering van het industriële eigendomsrecht was hier mede debet aan.
Ook andere ontwikkelingen waren van invloed op de groei van Arnold & Siedsma. In 1971 bijvoorbeeld werd de ‘Eenvormige Beneluxwet inzake warenmerken’ ingevoerd. Dit hield in dat in het vervolg alle in Nederland, België of Luxemburg gevoerde merken bij het Benelux Merkenbureau moesten worden geregistreerd om het recht in stand te houden. Het legde de basis voor een eigen merken- en modellenafdeling van Arnold & Siedsma.
Uitbreiden van vestigingen
Los van uitbreiding van het aantal disciplines, legde Arnold & Siedsma vanaf de jaren 70 de focus op uitbreiding van het aantal vestigingen. De ambitie was en is te opereren in de nabijheid van de vestigingsplaats van cliënten. Dat leidde in 1973 tot de opening van een kantoor in Enschede en in 1975 tot een vestiging in Breda. Dat kantoor sluit in november 2026. In 1982 volgde Leeuwarden, in 1990 Utrecht, in 2000 Nijmegen, in 2010 Eindhovenen in 2012 Brussel. In juli 2020 kwam daar een vestiging in Hasselt bij.
Vanaf medio 1970 benaderen multinationals uit onder andere de V.S. en Japan Arnold & Siedsma voor het deponeren van octrooien. Om multinationals goed te kunnen bedienen zette Arnold & Siedsma hiervoor wereldwijd netwerken op met collega’s.
Ook opende Arnold & Siedsma in 1977 een dependance in München toen daar de hoofdzetel van het Europese Octrooibureau werd gevestigd. Dit kantoor in München komt ook nu nog goed van pas bij informele interviews en Mondelinge Behandelingen (Oral Proceedings).
Niet zonder reden werd in 1987 een kantoor in Antwerpen geopend nadat België in dat jaar een nieuwe Octrooiwet aannam. Deze maakte het mogelijk onze Nederlandse octrooigemachtigden ook in België in te schrijven. Onze Belgische dochter fuseerde vervolgens in 1998 met kantoor Ottelohe. In 2022 fuseerde Arnold & Siedsma met het Belgische IE-kantoor LC Patents. Daarmee versterkten we onze positie in België en breidden we onze expertise uit op het gebied van farmacie, life sciences en biotechnologie.
In 1993 breidde Arnold & Siedsma uit met een sectie advocatuur, die in 2010 fuseerde met Steinhauser Rijsdijk advocaten uit Amsterdam. Daarmee kwam er ook een vestiging in Amsterdam bij. Voordeel van een eigen advocatuursectie is dat Arnold & Siedsma niet alleen intellectuele eigendomsrechten voor cliënten vestigt, maar deze ook volledig in eigen beheer kan verdedigen. Voordeel van een eigen advocatuursectie is dat Arnold & Siedsma niet alleen intellectuele eigendomsrechten voor cliënten vestigt, maar deze ook volledig in eigen beheer kan verdedigen.
Schaalvergroting, internationalisering, fusies en uitbreiding van disciplines hebben geleid tot meer dan een verdubbeling van de kantooromvang en een groter klantenbestand. Daarnaast groeide het oppositiewerk bij het Europees Octrooibureau sterk: met meer dan 300 zittingen sinds 2020 is Arnold & Siedsma uitgegroeid tot een van de meest ervaren kantoren op dit gebied in Europa.
Aansluiting bij de Rouse Group
In september 2025 fuseerde Arnold & Siedsma, na ruim een eeuw als zelfstandig kantoor, met Rouse: een internationale dienstverlener op het gebied van intellectueel eigendom. Daarmee komt onze Europese praktijk op het gebied van octrooien, merken en procesvoering samen met het netwerk van Rouse in Azië, Afrika, het Midden-Oosten en Europa.
Voor cliënten blijft het dagelijkse werk hetzelfde: dezelfde teams, dezelfde contactpersonen, dezelfde naam. Wat verandert is het bereik. Cliënten kunnen nu vanuit één groep in veel meer landen worden bijgestaan, en beide organisaties kunnen samen investeren in technologie, data en gedeelde platformen.











