Brandblusser-waterfles en modelbescherming: waar ligt de grens?
Producten die lijken op bekende objecten doen het goed in de markt. Ze vallen op, ze zijn speels en mensen onthouden ze sneller. Maar juridisch komt dan al snel de vraag: kun je zo’n product dat lijkt op een bestaand object beschermen?
In een recente uitspraak over een waterfles in de vorm van brandblusser (ECLI:NL:RBZWB:2026:521) probeerde een partij de verkoop van een vergelijkbare fles van een concurrent tegen te houden. Daarbij deed de eerste partij beroep op modelrecht, auteursrecht en slaafse nabootsing. De rechter ging daar niet in mee.
Het meest van belang was hoe het model in zijn geheel werd beoordeeld. Er werd niet enkel gekeken naar het feit dat de waterfles op een brandblusser lijkt. De rechter keek ook naar de standaard kenmerken van veel waterflessen: een cilindervorm, een dop, een rietje/strap-mechanisme en de typische verhoudingen van een dubbelwandige RVS-fles. Dat soort kenmerken zie je bij elke waterfles overal en zorgen niet voor een nieuw uiterlijk of een andere totaalindruk. Ook de felle rode kleur bleek geen onderscheidend element, omdat die kleur bij dit soort producten al vaker voorkomt.
Uiteindelijk waren het de grafische en tekstuele elementen die in algemene zin voor bescherming in aanmerken komen. Die boden echter ook geen soelaas. Deze elementen verschilden juist in de twee waterflessen: andere woorden, andere iconen, andere indeling en zelfs een andere taal. Er was dus geen duidelijke overlap in de juridisch te beschermen elementen.
Dit zien we vaker bij object-geïnspireerd designs. Denk aan een aansteker in de vorm van een lucifer, een speaker in boombox-stijl of een powerbank die eruitziet als een batterij. Het idee is leuk, maar het idee alleen is zelden voldoende voor modelbescherming. Deze komt vooral uit de concrete keuzes: details, verhoudingen, afwerking en de combinatie daarvan. Daar zit het verschil tussen “geïnspireerd” en “onderscheidend”.
Werkt u aan een ontwerp en wilt u weten waar de bescherming begint (en eindigt)? Dan is het slim om dit vroeg te toetsen. Dat scheelt gedoe als er later iemand dicht tegen uw concept aan gaat zitten.











